Recruitment: Mobiele ambtenaren – of zullen we “˜s wat anders proberen?

      Reacties uitgeschakeld voor Recruitment: Mobiele ambtenaren – of zullen we “˜s wat anders proberen?
Delen

Er is weer een rapport verschenen over de noodzaak van mobiliteit in het openbaar bestuur.

Het is niet het eerste rapport over dit onderwerp en het zal ook vast niet het laatste zijn. Zolang ik er gewerkt heb, was mobiliteit een item en verschenen er rapporten over. Meestal in situaties dat er bezuinigd dreigde te worden en “˜mobiliteit’ de uitweg leek te zijn bij de roep om “˜minder ambtenaren’.

En het is natuurlijk ook een sympathieke gedachte: overtollig geworden medewerkers elders plaatsen zodat er niemand ontslagen hoeft te worden. Het bizarre is alleen dat het tot op heden nooit echt gewerkt heeft en ook nu niet zal werken. Ondanks de vele – en elkaar soms vrolijk beconcurrerende – interne mobiliteitscentra. Het verschil tussen “˜kwantiteit’ en “˜kwaliteit’ is daarvoor domweg te groot. Wat het rapport zelf ook al aangeeft: ”De verwachting is dat in een aantrekkende arbeidsmarkt weer moeilijk vervulbare vacatures ontstaan (zoals voor specialisten, technici, leidinggevenden, klantgerichte hbo’ers).” En ook het gevolg is al bekend: “Zulke vacatures kunnen leiden tot meer behoefte aan externe inhuur van specialisten.” En niet tot de herplaatsing van elders wegbezuinigde collega’s.

The times they are a-changing

Die kwalitatieve “˜mismatch’ en de eruit voortkomende moeizame mobiliteit, is ook – of vooral – een gevolg van veranderende eisen die aan overheden gesteld worden. Twintig jaar geleden werkten er geen webredacteuren bij de overheid, maar data-entry-medewerkers. Het aantal ambtenaren dat zich met “˜dierenwelzijn’ bezig houdt, is sterk gestegen sinds de Partij voor de Dieren in de Tweede Kamer zit en erg veel Kamervragen stelt. Een nieuwe Europese regel vraagt om nieuwe uitvoerders ervan, met nieuwe kennis en competenties. Welke vacatures er straks í¼berhaupt gaan ontstaan, naar welke een “˜overtolllige’ medewerker kan worden omgemobiliseerd en welke daarvan moeilijk vervulbaar zullen zijn, is dus voor een groot deel nog koffiedikkijken ook.

Het probleem zou niet geformuleerd moeten worden als “hoe kunnen ambtenaren mobiel worden”, maar “hoe kan de overheid ervoor zorgen dat het werk gedaan wordt”. Door goed te definií«ren en te plannen en vast te stellen welke taken structureel zijn en welke niet. En mét de inschakeling van het zo broodnodige flexibele potentieel (in de vorm van die vermaledijde externe inhuur), want flexibiliteit wordt belangrijker dan ooit. En laat voor de rest de vergrijzing z’n werk maar doen. Dat scheelt een heleboel rapporten.


Delen